HÉ BJORN, WAT SCHRIJF JE NU WEER? – EPISODE 13

NIEUWS UIT HET (SCHRIJVERS)LEVEN VAN PEETERS BJÖRN

PARISIENNES VANONDER HET STOF

Niet alle verhalen die ik ooit schreef (en afwerkte) zijn gepubliceerd. Een aantal zal dat waarschijnlijk ook nooit worden, omdat er nu eenmaal zoveel tijd in een dag is. Maar er zijn verhalen die ik ooit weer wil opnemen, omdat het verhaal en de personages me nog steeds na aan het hart liggen. Een van de verhalen die ik ooit weer vanonder het stof wil halen, heet PARISIENNES. Wel, dat is eigenlijk de naam van de reeks, en de titel van het eerste boek is Exodus.

PARISIENNES is een avonturenreeks, ten tijde van de tweede wereldoorlog.

Clarisse, een jonge Parijse vrouw uit een welvarende familie, slaat op de vlucht wanneer Duitse eenheden de stad naderen. Net als ontelbare andere mensen vlucht ze naar het zuiden, maar de tocht is levensgevaarlijk en al snel betekenen haar afkomst en de rijkdom van haar familie niets meer. Het zijn vriendschap, moed en vastberadenheid die haar helpen te overleven. Behalve Clarisse volg je in het eerste boek ook de hartverscheurende vlucht van Cérise, een jonge Belgische, en haar kleine zus voor wie ze moet zorgen. En van Anne, een piepjonge Parisienne met behoorlijk wat pit.

Hieronder heb je een fragment met Cérise en haar kleine zus.

De scène is als volgt: een grote groep mensen vlucht naar het zuiden, vaak te voet.


…Een aantal van deze mensen was enkele uren aan het stappen, anderen al dagen of zelfs langer dan een week. Onder deze meest ongelukkige van alle vluchtelingen bevonden zich Cérise en Marie. De twee zussen hadden hun huis in Antwerpen verlaten kort nadat de eerste bommen vielen. Een tijdlang hadden ze onderdak gekregen in het huis van een tante die net over de Frans-Belgische grens woonde. Daar waren ze na een tijdje ook gevlucht en nu waren ze onderweg naar Parijs in de hoop daar veiligheid te vinden.

Het vertrek was voor de beide zussen geheel en al onverwacht geweest.

Ze waren thuisgekomen van de winkel en toen zei hun moeder dat ze vertrokken.

Cérise had niet eens de kans gehad om naar binnen te gaan en wat spullen in te pakken. Toen ze met Marie aan de hand thuiskwam stond hun moeder hen op te wachten met een koffer naast zich. Ze moesten vertrekken, en wel nu meteen. Sindsdien hadden ze hun huis niet meer gezien en waren ze op weg naar een plaats waar ze veilig zouden zijn zonder precies te weten waar dat was.

De koffer die hun moeder had meegenomen, hadden ze ondertussen al moeten achterlaten.

Het was ondoenbaar gebleken om hem het hele eind met zich mee te dragen. Cérise en haar moeder hadden hem iets meer dan vier dagen afwisselend gedragen. Cérise meestal met beide handen om het handvat geklemd omdat haar armen anders te snel moe werden. Maar uiteindelijk hadden ze hem toch moeten achterlaten. Met pijn in het hart had Cérise hem aan de kant van de weg neergezet. Ze had meermaals op het punt gestaan om zich terug te haasten en hem alsnog mee te nemen, maar had dat uiteindelijk toch niet gedaan.

Nu hadden de twee zussen enkel elkaar.

Op hun moeder konden ze niet echt rekenen.

Cérise verweet hun moeder dat die hen had verplicht thuis te vertrekken. Door dat te doen had ze hen in moeilijkheden gestort die ze nu niet meer konden ontvluchten. Ze mochten dan wel voor de bommen zijn gevlucht, maar de problemen op de weg konden ze niet ontvluchten. Geld hadden ze niet meer, na meermaals eten en drinken te moeten kopen onderweg. Het was al sinds enkele dagen een kwestie van geluk of ze ‘s avonds iets te eten hadden of niet. Toen ze die bewuste dag thuis vertrokken, had Cérise verondersteld dat hun moeder wist wat ze deed. Dat ze een plan had en dat ze zou zorgen dat alles goed verliep.

Maar haar moeder had een plan noch een vooruitzicht gehad.

Ze hadden de trein tot in Brussel genomen en dan waren ze tot een eind buiten de stad gestapt. Het was Cérise’s idee geweest naar hun tante toe te gaan. Het was hun moeders idee om er vervolgens weer te vertrekken, andermaal zonder te weten waar ze naartoe vluchtten of hoe ze daar het beste naartoe reisden. Sindsdien waren ze van de regen in de drup geraakt, tot op het punt waarop Cérise ook niet meer wist wat ze nu best konden doen…


Hieronder een scène van verder in het boek, ditmaal een fragment met Anne.

De kleine Anne is stiekem bij Clarisse weggeglipt om eten te gaan zoeken.


…Het was heet in de zon maar Anne kon het zich niet veroorloven langzamer te rennen. Ze had haast en rende zo snel ze kon door het veld, in de richting van de hoeve. Die leek al even verlaten te zijn, maar de eigenaars hadden hun honden niet met zich meegenomen. Ze blaften dreigend toen Anne het veld uit kwam en renden naar haar toe toen ze dichterbij kwam. Anne nam een steen van de grond en gooide die naar de hond die het dichtst bij haar kwam. Ze trof hem tegen de poot en het dier bleef aarzelend staan. Nadat Anne een tweede steen zijn kant uit had gegooid droop hij af.

De andere hond stond haar een eind verderop gade te slaan.

Anne nam nog een steen van de grond voor het geval het dier haar ook zou bestormen en zag toen dat de deur naar de keuken openstond. Met de steen in de hand rende ze naar de deur toe en de hond rende blaffend achter haar aan. Anne gooide de steen naar zijn hoofd maar mistte. Zodra ze binnen was, duwde ze de deur dicht en deed de grendel erop. De hond hield op met blaffen, maar even later hoorde ze hem aan de deur krabben. Vooraleer ze iets anders deed, controleerde ze of de andere deuren van het huis dicht waren. Waar ze erbij kon schoof ze de grendels ervoor. Voor de zekerheid controleerde ze ook of de ramen op de benedenverdieping dicht waren.

Dan haastte ze zich weer naar de keuken.

Deze hoeve lag betrekkelijk afgelegen en dat was haar grote geluk.

In de meeste hoeves waar Anne naar eten zocht, hadden andere vluchtelingen de kasten al een hele poos geleden leeggehaald. In deze hoeve kwam zelden iemand, zelfs toen het nog geen oorlog was, en de vluchtelingen hadden haar nog niet ontdekt. Hier stonden de kasten vol met blikken, bokalen en dozen alsof de boerin maar net wintervoorraad had ingeslagen. Anne was haar tas met kostbaarheden kwijt, maar onderweg had ze al een nieuwe tas gevonden die ze kon vullen. Een stevige rugzak, die ze van zin was helemaal met eten te vullen. Ze trok de koorden van haar rugzak los en opende dan al de keukenkasten.

Haar hart klopte vrolijk toen ze al het eten zag.

Het was veel meer dan ze met zich mee kon nemen en dus stalde ze het uit op de tafel, zodat ze een goede keuze kon maken. Toen ze een bokaal met opgelegde kersen vond, zette ze die meteen aan de kant. Het was al even geleden sinds ze deze lekkernij had gegeten en die zou ze hoe dan ook met zich meenemen. Even meende ze voetstappen te horen, maar dan kon ze ze niet meer horen. Ze dacht aan Clarisse. Die zou haar ondertussen wel aan het zoeken zijn. Of ze zou de mannen naar haar laten zoeken. Zelf zou ze waarschijnlijk kwaad staan te zijn, dacht Anne. De kans dat ze haar tot aan de hoeve volgde was klein. Anne was redelijk zeker dat ze haar niet weg hadden zien glippen en dus niet wisten welke kant ze uit was gegaan.

Er zou wat zwaaien wanneer ze terugkwam, maar daar maakte Anne zich nu niet druk om.

Ze had haar instinct gevolgd toen ze in de verte de hoeve bemerkte, ze was zeker geweest dat daar iets te eten te vinden zou zijn, en had gelijk gekregen! En nu hadden ze tenminste voldoende om te eten voor de komende tijd. Toen zag ze dat er iemand door het keukenraam naar haar stond te kijken. Een man met brede schouders en een onverzorgde baard. Anne staarde hem recht aan, niet zeker wat hij van haar wilde. De man staarde haar met een emotieloze blik aan en richtte dan zijn blik op het overige eten dat hij op tafel zag staan. Hij maakte geen gebaar en sprak geen woord. Anne aarzelde, woog af wat ze het beste kon doen, en rende dan de keuken uit…


Het manuscript dat ik tot nu toe heb is al honderden pagina’s lang, dus best al wel wat.

Geen idee wanneer het zal zijn, maar het is in elk geval mijn bedoeling om het verhaal van deze moedige meiden ooit weer vanonder het stof te halen, en het af te werken. Ondanks dat het al jaren geleden is sinds ik er laatst aan werkte, weet ik nog goed waar ik met het verhaal naartoe wilde. Eén iets kan ik jullie alvast wel zeggen, de avonturen van Clarisse en de anderen zullen meerdere boeken in beslag nemen. Zeker niet minder dan vijf; en misschien zelfs meer dan dat.

Maar dat zal dus niet meer voor dit jaar zijn.

Onlangs zei ik tegen mijn vrouw: “Ik heb een team van schrijvers nodig.”

Dat klinkt vast absurd, maar soms voel ik me echt zo. Er zijn zoveel verhalen die ik wil vertellen dat ik onmogelijk tijd voor allemaal kan vinden. Soms lijkt het me leuk om een verhaal aan te zetten en iemand anders de details te laten invullen. Alleen maar om sneller te kunnen werken, zodat ik niet helemaal overweldigd wordt door alle verhalen die liggen te wachten.

Maar dat zal ook niet voor dit jaar zijn.

Het einde van het jaar nadert, en dus is een kerstbundel wel op zijn plaats.

Wie verschillende van mijn boeken en kortverhalen in één bundel wil (voor een leuke prijs), dit is je kans! Het thema voor deze kerstbundel is Fantasy, en voor de prijs van één roman, krijg je zowel een Ictiluni boek, een Tempus boek, verschillende kortverhalen, en het op zichzelf staande boek Drie Katje Op Het Dak. Dat laatste is geschreven voor een jonger publiek, maar zeker ook geschikt om als volwassene te lezen. De bundel is een koopje, en de moeite waard om eens te bekijken.

Hieronder de cover en flaptekst.

HO HO HO, kerst is weer in het land! Wacht niet langer tot de kerstman cadeautjes door de schoorsteen werpt, maar verwen jezelf nu al met deze Peeters Bjorn Kerstbundel. Het thema voor deze kerstbundel is Fantasy / Avontuur, dus zet je maar schrap in die luie zetel. Met maar liefst drie boeken, waaronder het tragische maar romantische verhaal van Are en Dina (Ictiluni) en de race tegen de tijd in de klokkenstad van Tempus, ben je al wel even zoet. Niet veel tijd? Duik dan in een van de verschillende kortverhalen, en dompel jezelf een half uurtje onder in de wereld van Ictiluni en Tempus.

Alle verhalen werden door de auteur zelf uitgekozen voor deze warme kerstbundel.

Vrolijk kerst!


In deze bundel:

DE LEGENDE VAN ARE EN DINA (Ictiluni, roman)

DE POEL VAN SHERAZERRA (Ictiluni, kortverhaal)

HET VERDRIET IN EEN KROES (Ictiluni, kortverhaal)

DE UREN VAN DE RAT (Tempus, roman)

CIRCUS RATALA (Tempus, kortverhaal)

MISS KATE (Tempus, kortverhaal)

DRIE KATJES OP HET DAK (roman)

 

En daarmee zijn we weer aan het einde van deze blogpost.

Dit keer heb ik eerst al mijn inkopen gedaan, en dan deze blogpost geschreven. Daardoor is het nu al betrekkelijk laat in de namiddag, en ik ben helemaal klaar om aan het weekend te beginnen. Ik wens jullie allemaal een heel fijn weekend, en tot volgende week!

 

 

PS: Ik ken de kerstcake op de foto niet, en heb hem hier nog nooit gezien. Misschien is het ook nog te vroeg voor de kerstcakes om zich te laten zien. Tenslotte moet eerst de Sint nog komen. Maar ik hou mijn ogen alvast open, voor het geval ik ergens zo’n smakelijk uitziende cake tegenkom. Kerst is tenslotte niet zo veraf meer.


FOTO ©: AntonMatyukha| Depositphotos.com